USA East 2008 // Posted on 11 July 2008 by Peter Aspeslagh
Secaucus (New Jersey) – College Park (Maryland)
Megalopolis
We (mijn reisgenote Marie-Lise en mezelf) maken in de lobby van het Harmon Meadow Holiday Inn in Secaucus kennis met Stephanie, de reisleidster van onze tournee door het oosten van de Verenigde Staten, en de groep die ons de komende twee weken zal vergezellen. Het is een bont gezelschap Europeanen: een dame en twee heren uit Engeland, twee Schotse dames, een Noord-Ierse, een Duitse en vier Oostenrijkse studenten Japanologie. Wij verdedigen de kleuren van het Belgenland. Na het invullen van een aantal formaliteiten- de organisatie wil immers nergens aansprakelijk voor zijn, wat hier gebruikelijk is – zetten we koers richting Washington DC.

De trip met de van en bijhorende trailer verloopt via ettelijke highways. Ze doorkruisen de megalopolis (de agglomeratie van Boston tot Washington DC). Het is wat jammer dat we niet eventjes een ommetje maken langs Philadelphia, maar we moeten ons aan de timing en het reisschema houden. Vanop de Francis Scott Bridge – genoemd naar de auteur van het Amerikaanse volkslied – kunnen we toch eventjes genieten van de skyline en de grote haven van Baltimore.
Na het eindeloos wisselen van highways en het telkens weer betalen van tol komen we aan in de eerste kampplaats van de reis: Cherry Hill Park, op zo’n twintig mijl van Washington DC. Steph doet er uitgebreid de regels en taken voor de volgende twee weken uit de doeken. Het schrikt me eventjes af: plots besef ik dat ik een groot stuk van mijn vrijheid kwijt zal zijn, maar al gauw leg ik me daarbij neer. De nadelen wegen niet op tegen de voordelen. Met dit soort van reizen kan je in korte tijd enorm veel zien. Dat je hiervoor in je vakantie aan orders moet gehoorzamen, so be it, al was ook dit een mental switch. Maar toch: ik sta enorm op mijn vrijheid en zelfstandigheid en ga altijd moeite hebben met het opvolgen van bevelen.
De praktische kant van de zaak vlot goed. Het opzetten van de tent blijkt een fluitje van een cent te zijn. In enkele minuten staat het ding meer dan stevig recht. Met behulp van mijn sympathieke tentgenoot, Londenaar Tom, zouden we de komende veertien dagen snel een dak boven ons hoofd hebben, zij het dat dit onderkomen amper uit twee laagjes stof bestaat. Meteen worden we ook in drie groepen verdeeld. Elke avond is er via een rotatiesysteem een kook-, een afwas- en een van cleaning-ploeg. De afspraken zijn gemaakt.

Hoogspanning
Veel Amerikanen houden ervan om met een camper de States rond te trekken en hun vakantie in plaatsen als Cherry Hill Park door te brengen. De vehikels zijn bijwijlen indrukwekkend, hoewel ik me afvraag wat er nu precies zo gezellig is aan dit oord. Midden in de camping is er een grote open vlakte waarover twee hoogspanningslijnen zijn gespannen. Je hoort de stroom knetteren; bovendien zorgt de nabijgelegen highway voor een oorverdovend lawaai. De gustibus et coloribus non est disputandum, zelfs niet in de States, maar ik heb er zo mijn eigen mening over.
DC
Steph had ons beloofd om ‘s avonds een rondrit in Washington DC te maken. In de stad zijn geen wolkenkrabbers te vinden, want geen enkel gebouw mag hoger zijn dan het Capitool. Je rijdt de stad dan ook via ‘kleine’ wegen met lintbebouwing binnen, al blijft dit in de USA natuurlijk een relatief begrip. Aan elk kruispunt stoppen we voor de traffic lights, die hier doorgaans goed worden gerespecteerd, zoals alle verkeersregels overigens. Het blijft een stop and go-ride…

Al vanaf de entrée in Washington zien we Capitol Hill liggen, net als bij ons een kathedraal de skyline van een doorsnee stad domineert. Oorspronkelijk was het de bedoeling om Washington enkel als administratief centrum in te richten. Ambtenaren zouden op en af pendelen naar DC. Daarom is het district ook onttrokken aan de reguliere bestuurlijke indeling in staten. Na verloop van tijd werd de stad dan toch bevolkt met permanente bewoners, maar door hun ‘staatloos’ bestaan hadden ze geen kiesrecht. Tot op de dag van vandaag heeft DC geen congresleden of senatoren; de inwoners kunnen echter wel een president en een lokaal bestuur verkiezen.
Respect
Het centrum van de stad bestaat uit brede boulevards, omringd door regeringsgebouwen en musea. De lijst is lang: het Witte Huis, de diverse departments, de Library of Congress, de Smithsonian-musea, de memorials, … In het midden van dit netwerk ligt de Mall. Het is een levend mausoleum van de helden en de instellingen van de Verenigde Staten.

Aan de ene zijde rijst het machtige Capitool op uit de omringende bebouwing. Het aureool van de wetgevende macht domineert symbolisch het uitvoerende Witte Huis, dat stukken lager ligt. Aan de andere zijde van het spectrum zien we het Lincoln Memorial in volle glorie. We hebben het voorrecht om het monument bij het vallen van de duisternis te mogen bewonderen. Dat maakt het zoveel interessanter. Middenin, als een scheidsrechter, staat een obelisk: het Washington Monument. Twee rode lichtjes ontsieren de top van de pin. Vliegtuigen, weet u wel…
Naast Lincoln vinden we op de Mall nog enkele andere memorials. Het Korea War Memorial oogt sober, terwijl de muur van het Vietnam War Memorial net als de Ieperse Menenpoort duizenden namen van gesneuvelde soldaten bevat. Ook aan Jefferson is een mausoleum opgedragen. Steph vroeg ons stil te zijn en ons hoofddeksel af te nemen. Respect voor de mannen en vrouwen die het leven lieten in service. Jammer genoeg wordt die welgemeende rust elke twee minuten grondig verstoord door een vliegtuig dat via de Potomac het Ronald Reagan National Airport tracht te bereiken. Zelfs respect is relatief…