Dag 05: Armoede armoede armoede
De dag begint vroeg. Om 3h30 worden we gewekt, want om 6h10 vertrekt onze vlucht naar Cusco en we kunnen hiervoor beter op tijd komen. Tijdens het checken van mijn handbagage bleek er een probleem te zijn. De vriendelijke beambte keerde mijn rugzak van boven tot onder om. Hij was op zoek naar het storend stukje metaal in mijn bagage. Na vijf minuten kwam de aap uit de mouw. Het mini-schaartje in mijn al even mini EHBO-kit was de boosdoener. Dit mocht niet mee op het vliegtuig. Hoe ridicuul dit ook kan lijken, toch vond ik dit puik werk van de Peruvianen. In Zaventem had men dit niet gemerkt…
Jammer genoeg is het bewolkt en zien we niet veel van de Andes, los van enkele schitterende bergtoppen. Spectaculair en adembenemend was de landing in Cusco. De piloot moest het toestel handig tussen de bergen laveren. Tijdens een bocht van 180 graden kregen we een overgetelijk zicht op de stad, die zich op 3400m boven de zeespiegel bevindt. Om u een idee te geven: Cusco ligt meer dan 10 Eiffeltorens hoger dan Lima.
Op deze reis mag echter niet getreuzeld worden, want vlak na onze aankomst zitten we al op de bus richting Abancay, op vijf uur rijden van Cusco. Onderweg kwamen we landschappen tegen waar je stil van wordt. Nogmaals adembenemend. Net voor Abancay nemen we een bergpas van 3800m. We zitten eventjes met het hoofd in de wolken om nadien terug af te dalen naar Abancay, 1400m lager (op 2400m hoogte).
Abancay (115.000 inwoners) is een van de armste steden van Peru. Tachtig procent van de boerenbevolking, waarvan we er onderweg heel wat tegenkwamen, leeft onder de extreme armoedegrens. Dit betekent dat ze jaarlijks moeten rondkomen met een budget dat maximum 100 USD bedraagt. Of anders gezegd: een 7-tal euro per maand, zelfs voor gezinnen met 5 of 6 kinderen. De levensverwachting bedraagt er 60 jaar; de kindersterfte 30% tot 40%. Wij logeren er in het meest chique hotel van de stad…
We zijn naar hier gekomen om de activiteiten van ADEA te bestuderen. Dit is een lokale partner van Trias die (heel) kleine ondernemers helpt met microfinanciering, het geven van vorming en het verdedigen van hun belangen in allerlei organen. Na een ietwat chaotische ontvangst – ADEA had alles, ondanks een goede voorbereiding van onze reisleider, niet goed met de staf gecommuniceerd – werden we dan toch in contact gebracht met kleine ondernemers.
We werden voorgesteld aan een man die allerlei houten snuisterijen voor toeristen maakte en exporteerde. Met behulp van ADEA had hij in een druk bezocht busstation een promostandje kunnen oprichten. Het ging niet om een groot bedrag – microfinanciering – maar was toch voldoende om een deel van het bedrijfsproces te optimaliseren, met name de promotie en verkoop van zijn goederen. Een correct en concreet voorbeeld. Nadien nam men ons mee naar zijn atelier. Dit was niet meer dan een aantal kleine machines, rekken met gereedschap en afgewerkte producten, beschermd door een afdak met golfplaten. Een aantal mensen waren er aan het werk. Erbarmelijke toestanden waren het niet, maar het was er toch weinig comfortabel. Er was echter beterschap in zicht, want de man was bezig met het bouwen van een verdieping boven zijn woonhuis om zijn atelier er te vestigen. Voor zover we konden opmaken was deze ondernemer niet representatief voor de allerarmsten. Zo exporteerde hij een deel van zijn goederen naar Portugal en Brazilië.
Nadien werden we op de universiteitscampus van Abancay – die is er! – in contact gebracht met twee jonge vertegenwoordigsters van Red Interquorum. Deze organisatie ontplooide haar activiteiten niet uitsluitend op kleinschalig ondernemen, maar eerder op een activering van – wederom – een aantal middenveldsorganisaties, waarbij hun aandacht ook naar het ondernemen uitging.
De twee jongedames, Rocio en Nemery, kenden hun lesje verduiveld goed. Ze vertelden ons, nippend aan een Inka Kola, over het lanceren van een aantal ideeën en concepten die de jongeren moeten aanzetten tot engagement en samenwerking. We moeten het tot vervelens toe herhalen, maar dit gesprek was nog maar eens een bewijs dat er in dit land enorm veel leeft en initiatief wordt genomen, ook en vooral door de jeugd, maar dat men het moeilijk heeft om niet in geatomiseerde actie te blijven vervallen. Men vroeg ons hoe wij in België deze problemen oplosten. Graag hadden ze van ons hierover opleiding gekregen, precies omdat we de vinger op de wonde legden en een alternatief voorstelden. Wij kunnen deze mensen met onze expertise met plezier helpen om het middenveld terug op te bouwen. Een ideetje voor een volgende reis?








Leave your response!