Op de kaart gezet

Cultuur // Posted on 08 December 2009 by Peter Aspeslagh

Valencia in december

DSC_7574Na het avontuur met de jamones in Andalusië hadden we voor het einde van het jaar nog enkele dagen Spanje tegoed. Dat het land in is hoeft geen betoog, maar dat het naast Barcelona, Madrid en Andalusië ook andere hippe plekken heeft is niet bij iedereen even bekend. Valencia is zo’n oord. Iedereen heeft er wel eens van gehoord, maar kan zich er niet meteen iets bij voorstellen. Een stadje in Spanje, ja, maar zijn daar al niet genoeg doorsnee centrumsteden? Valencia is geen ordinary village. Het is de derde grootste stad van het land na Madrid en Barcelona, maar voor Sevilla. De agglomeratie in de Comunidad Valenciana telt maar liefst anderhalf miljoen zielen. De stad is de hoofdstad van een autonome regio. In Spanje hebben de regio’s eigen bevoegdheden met eigen instellingen; met een doorgedreven vorm van decentralisatie probeert Madrid separatistische tendenzen te voorkomen. De Valencianen zijn dan wel geen Basken of Catalanen, maar hebben van centrifugale krachten geprofiteerd om op sommige vlakken baas in eigen buik te zijn.

Modern

Valencia is makkelijk te bereiken met Ryanair. De Ierse low cost-maatschappij brengt u vanuit Charleroi naar de hoofdluchthaven van de stad, zodat geen lange busritten vanuit een obscuur vliegveld nodig zijn. Dit is een stad uit de eenentwintigste eeuw: een moderne metro spoort alle bezoekers tot in het stadscentrum. Halte Xativa aan het mooie modernistische Estación Del Norte en de arena Plaza de Toros is het ideale vertrekpunt om de stad binnen te trekken. Het heeft iets onwezenlijk. We schrijven vijf december en het is er onder een laaghangend zonnetje aardig warm. Vitaminen voor de winter: naar Spanje gaan is zowaar gezond.

DSC_8045Vanuit het Estación kom je automatisch op het Plaça de Ayuntamiento. Het ayuntamiento – het gemeentebestuur – domineert het plein dat in palmbomen is getooid. Het straalt gezag uit. Ook de andere gebouwen rondom het plein zijn van een serieus kaliber: het Rialto-theater, het Ateneo Mercantil en de schitterende gevel van de Banco de Valencia in een belendende straat.

Mercado

De Calle de Maria Cristina, ten westen van het Plaça de Ayuntamiento, mondt uit in het Plaza del Mercado, waar de Mercado Central de Valencia fier de kop opsteekt. Overdekte marktjes zijn ideaal om de échte couleur locale op te snuiven. Je ontmoet er zowel de specialiteiten van de streek als de doorsnee consument. We zagen het al in Cusco en in Barcelona: plaatselijke producten die door hardwerkende lieden met veel liefde en overtuigingskracht aan de man worden gebracht. Inwoners van allerlei allooi die er vitamines, ijzers én calorieën komen opdoen. Ze brengen brood op de plank van de kleine zelfstandige. DSC_7204Je ziet er armen en rijken. Ze kopen groenten, vlees en vis, kruiden, brood of confituur. Geen kraampjes met worstenbroodjes of zuurkool; markten zijn hier geen entertainment. In de Mercado lopen niet hoofdzakelijk gepensioneerden rond. Vandaag is het zaterdag en dat geeft ook grote en jonge gezinnen de gelegenheid om op een artisanale manier de koelkast en de kelder te spijzen. De markt blokkeert hier het stadscentrum niet: er is infrastructuur voorzien om alles zonder overlast in goede banen te leiden. De politie kan zich met andere zaken bezig houden. In België zijn er nog heel wat wekelijkse markten, maar toch kunnen niet alle dorpen ervan genieten. Bovendien worden die bewuste grote en jonge gezinnen door de rat race onthouden van een collectief bezoek aan deze steekkaart van het sociale weefsel. Supermarkten zijn onpersoonlijk; lokale marktjes hebben een ziel. De verkopers vechten enthousiast voor elke bundel prei, voor elke kabeljauw of cervelaatworst. Unizo zal mij dankbaar zijn.

Valentia

Het centrum van Valencia heeft een lange geschiedenis. Al in de tweede eeuw voor Christus was hier een Romeinse nederzetting. Soldaten moesten er kunnen bekomen van de strijd tegen een lokale rebel die de Iberische veroveringen onveilig maakte. De stad dankt haar naam immers van het Latijnse valentia: de traditie om de krijgers met een mooie staat van dienst naar waarde te schatten. Hun curriculum werd geapprecieerd. Na de val van het Romeinse Rijk palmden de Visigoten Valencia in om wat later door de Moren te worden opgevolgd. Balansiya bloeide en daar zijn tot op de dag van vandaag getuigen van. Zo is El Micalet, de toren naast de kathedraal, net zoals de Giralda in Sevilla een geconverteerde minaret. Na de dood van de grote Moorse heerser Abu Aamir Muhammad Ibn Abdullah Ibn Abi Aamir, Al-Hajib Al-Mansur, beter gekend als Almanzor, kwam met behulp van El Cid, de legendarische rebel, Valencia eventjes terug in christelijke handen. Enkele jaren later was het game over en kwam de stad door de Almoraviden opnieuw onder Moorse controle. Dat bleef het, met ups en downs, tot in 1238 toen de geallieerden de Moren definitief het gebied uit jaagden. Een christelijke repressie volgde. De stad ontwikkelde zich stelselmatig verder, maar ging in de twintigste eeuw alsnog door een diep dal. Tijdens de Spaanse burgeroorlog was Valencia het hoofdkwartier van de republikeinen geworden. Na afloop was Franco’s wraak bijzonder hard. Zo werden de Valencianen – net zoals de Catalanen overigens – verboden om hun plaatselijk dialect te spreken of te onderwijzen. Nauwelijks een halve eeuw geleden. Het contrast kan vandaag niet groter zijn.

DSC_7193De Lonja de la Seda is de goed bewaarde plek waar ooit de zijdebeurs was gevestigd, récht tegenover de Mercado. Daar bleek ook dat onze gids van de ANWB totaal waardeloos was. Men was er in geslaagd om in de uitleg bij de Lonja niet één zin correct neer te pennen. Bovendien konden de auteurs niet worden verdacht van enig deskundig historisch onderzoek van de plaats te hebben gedaan. De ANWB maakte geen goede beurt. Integendeel: wij weten alvast welke reisgids we in de toekomst niet meer zullen kopen. Beschamend.

DSC_7296De kathedraal van Valencia, op het Plaza del Virgen, is naar Spaanse normen al bij al bescheiden. Als je net een bezoek aan de Andalusische Groten achter de rug hebt moet men al van ver komen om nog meer te imponeren. Toch is het ook hier een geconverteerde moskee die rijkelijk met kapelletjes werd uitgebreid. De stad heeft verder een aantal interessante musea, zoals het Museo de Bellas Artes en het IVAM, het Instituto Valenciano de Arte Moderno. Je kan het leeuwendeel van het historische centrum op een dag afwerken. Dit is Barcelona niet; ook Sevilla heeft meer te bieden. Ondanks haar relatieve grootte is Valencia niet het culturele summum van dit land. Het lijkt een doorsnee Iberische stad zoals er hier wel meer zijn totdat we de drooggelegde arm van de Turia doorwandelen. De rivier werd na verwoestende overstromingen gedempt en huisvest nu de ongetwijfeld meest indrukwekkende site die Europa er het voorbije decennium bijkreeg…

Mindblowing

DSC_7600DSC_7689DSC_8072Tien jaar geleden werd Valencia met één ingreep op de wereldkaart gezet: de Cuidad de las Artes y las Ciencias. Op het einde van de bedding van de Turia, net voor de jachthaven, zette men een viertal hypermoderne bouwwerken neer die het concept mondiaal profileren herdefinieerden. Het Palau de les Arts Reina Sofia (multifunctioneel kunstcomplex), de Hemisfèric (planetarium en IMAX-bioscoop), het Museo de las Ciencias Principe Felipe (museum van wetenschappen) en de Oceanografic (Oceanografisch museum) zijn zo indrukwekkend dat je er even stil van wordt. We nemen zelfs het woord mindblowing in de mond. Hiervoor alleen al moet je naar Valencia komen. DSC_7682We verliezen natuurlijk de Sagrada Familia, de Giralda, de Mezquita en het Alhambra, stuk voor stuk werelderfgoed, niet uit het oog, maar zijn verplicht om de Ciudad ronduit op dezelfde hoogte te plaatsen. Niet meer en niet minder. Op het gebied van moderne architectuur is het van dezelfde orde. Niet enkel de vorm van de gebouwen zelf, maar ook de manier waarop ze tegenover elkaar zijn gepositioneerd maken dit complex uniek. Het perspectief dat door de bruggen, de vijvers en de wandelpaden wordt gecreëerd is uniek. Wat de opera in Sydney heeft gedaan doet de Ciudad in Valencia. Met haar vier miljoen bezoekers per jaar moet het complex in Spanje qua belangstelling enkel het Prado in Madrid laten voorgaan. In Barcelona hoort men het graag.

DSC_8532Onder de laatste koepel bevindt zich het grote oceanografisch museum. In Lissabon zagen we al een schitterend Oceanario, dat in de Portugese hoofdstad conceptueel beter is uitgewerkt, maar minder groots dan in Valencia. Deze verzameling waterbeesten is gigantisch. Nooit tevoren zagen we zoveel haaien, zwaardvissen, roggen, vliegende vissen én, als top of the bill, een ware beluga: een witte dolfijn met vriendelijk lachend gezicht. Meteen had ik een nieuw favoriete dier, al kan ik me niet precies herinneren wat het vorige was. U moet er wel wat voor over hebben, want het toegangsticket tot dit spektakel is niet goedkoop.

DSC_7909Valencia blijft onverstoord doorgaan met haar poging om Barcelona als hipste stad van Europa van de troon te stoten. In 2007 ontving de stad de prestigieuze America’s Cup en bouwde in de jachthaven een uitvalsbasis voor de deelnemers. Dit is een essentieel bedevaartsoord voor de liefhebber van de zeilsport.

Visie

DSC_7754En nog is het niet gedaan, want ook voor mij is deze jachthaven een mekka. Valencia speelde het klaar om Bernie Ecclestone ervan te overtuigen om met zijn circus naar de mediterrane stad te komen. Niet op het permanente circuit Ricardo Tormo even buiten de stad – Valencia heeft ook een volwaardig autocircuit dat voldoet aan de hoogste veiligheidsstandaarden – maar op een stratencircuit rond die bewuste jachthaven. Ambitie is de stad niet vreemd: waarom kan men van Valencia geen tweede Monaco maken? Chique jachten in de haven met vechtende bolides eromheen: wie doet beter? In 2008 zette het F1-kampioenschap Valencia voor de eerste keer op de kalender. We keken er naar uit, want na zovele jaren werd een nieuw stratencircuit in gebruik genomen. Het project was niet voor de volle honderd procent geslaagd. Het circuit op zich is wel leuk, maar de sfeer is er (nog) niet. De jachthaven was maar voor de helft gevuld. Hier geen boompjes, flatgebouwen of een casino rond de piste, maar oude pakhuizen, hangars, een verlaten parking of troosteloze tribunes als decor. Het is enigszins denigrerend om het circuit te vergelijken met de Grand Prix van Las Vegas uit 1981 en 1982, toen men voorwaar op de parking van Caesars Palace rondjes draaide, maar ergens duikt een fata morgana van het beruchte hotel op. Dit Valenciaanse exploot is alsnog niet overtuigend. In 2009 lag het aantal toeschouwers, mede door de crisis, stukken lager. Het is maar de vraag hoelang het zal duren voordat de lokale overheden financiële bijstand zullen weigeren.

Eén ding is alvast duidelijk: deze stad leeft. Valencia heeft op dit moment een oneindige ambitie. The sky is the limit. Een al bij al klein historisch patrimonium werd aangevuld met een fantastisch staaltje van moderne architectuur en entertainment van wereldniveau. Daar is een kostenplaatje aan verbonden. Subsidies allerhande zijn helpende handen, maar bovenal toont Valencia aan dat visie en creativiteit essentieel zijn om een stad – met ups en downs – naar een hoger niveau te tillen. Dit voorbeeld maakt ons ook triest: waarom zet Brussel zich niet op zo’n manier op de kaart? Gooi de Heizelpaleizen en het Atomium plat en zet op die plaats een fenomenaal museum over de geschiedenis van de Europese integratie neer. City of Europe in the City of Europe. Gebakkelei tussen de verschillende bestuusniveaus en taalgroepen maken dit jammer genoeg quasi onmogelijk. Kom eens naar Valencia.

Share

Leave a Reply

Twitter

Absoluut geen fan, maar manier waarop Ludo VC verhaal deed was best indrukwekkend.Voilà, zo was het, en nu terug naar orde vd dag #koppen